2 dagen geleden

De waarde van gelovige vrouwen (14) – Martha (B)

Martha was een trouwe dienares van de Heer. Als ze had geleerd om meer naar de Heer te luisteren dan haar eigen dienstbaarheid centraal te stellen in haar leven, zou ze nog meer zegen hebben ervaren. Een open oor voor Zijn stem – dat brengt een gelovige zuster (en ook broeders …) verder.

12 september 2024

Martha was een geloofszuster die de Heer Jezus in haar hart had en die de Heer Jezus waardeerde. We zagen dit in Lukas 10, ook al faalde Martha helaas in sommige opzichten, zoals wij allemaal doen en zoals ook jullie zusters doen. In Johannes 11 en Johannes 12 vinden we vervolgens nog twee gebeurtenissen waarin we Martha tegenkomen. Jezus had geaarzeld nadat Lazarus ernstig ziek was, Hij wist dat hij zou sterven en Hij wilde Lazarus kort voor zijn eigen dood uit de dood opwekken. Daar is Hij eerst, maar het was een zekere zieke Lazarus van Bethanië uit het dorp van Maria en haar zus Martha.

Ja, hier zien we, dat de Heer Jezus een bijzondere waardering heeft voor Maria, voor wat zij deed. Johannes heeft vele jaren geschreven nadat de Heer Jezus niet meer op aarde leefde, en het was natuurlijk door toedoen van Maria, dat deze plaats Bethanië, dit huis, bekend was geworden. Vindt u het ook moeilijk om als tweede zuster genoemd te worden, om niet zo bekend te zijn, om niet zo op de voorgrond te staan? Als zuster is het sowieso een bijzondere gave, een bijzondere waardevolle houding om in het verborgene te zijn. Dat wordt ook uitgedrukt door de hoofdbedekking. En u kunt alleen maar ondersteunen, u kunt alleen maar aanmoedigen, om u als zuster te verbergen, niet in de letterlijke zin, maar om niet groot te willen zijn. Dat geldt voor iedereen, ook voor broeders, maar broeders staan soms in de openbaarheid en zusters niet. En hier zien we, dat Martha als tweede wordt genoemd. Ja, we willen ernaar streven om de Heer in alle opzichten te eren en Maria is daarvoor een prachtig beeld, een voorbeeld, maar we willen en u moet niet teleurgesteld zijn, u moet niet bitter worden als er anderen zijn die meer op de voorgrond treden.

Dan lezen we in vers 5, dat Jezus van Martha en haar zus en Latzaus hield. Dat is zo geweldig, Martha wordt nu als eerste genoemd. Ze stond in hoog aanzien bij de Heer. Zijn hart was verblijd toen Hij Martha zag en Hij uitte niet alleen deze waardering, maar Hij had Martha lief. Hij had een hart vol liefde en genegenheid voor deze zuster die het huis voor hem had geopend, die veel dingen voor de Heer in beweging had gezet en die op veel manieren voor Hem beschikbaar was. Zo lief heeft de Heer ook u, ongeacht wat voor dienst u doet of niet doet, ongeacht welke positie u bekleedt op deze aarde, ongeacht of u alleenstaand, getrouwd of moeder bent, ongeacht of u jong of oud bent, of u speciale talenten hebt of misschien minder. De Heer heeft u lief, zoals Hij Martha liefhad, Hij heeft ook u lief en u mag deze waardering kennen, u mag deze waardering weten en u mag ook genieten van deze liefde van de Heer, die door niets kan worden verminderd.

Natuurlijk, als we in zonde leven, dan kan de Heer deze liefde niet op deze manier uitdrukken, maar de liefde van de Heer is er, ook voor u. En dan vinden we in deze passage, dat Lazarus sterft, dat Martha en Maria natuurlijk verdrietig zijn, rouwen om hun broer, en dan lezen we in vers 19, dat de Joden naar Martha en Maria waren gekomen om hen te troosten over hun broer. Dat is waardevol. Maria en Martha waren niet op de één of andere manier verheven door bovenmenselijke gevoelens. Ze raakten hun broer kwijt en dat deed hen pijn, ze rouwden, ze huilden erom en dat mogen wij ook doen en dat mag u ook doen als u een dierbaar familielid verliest, misschien van uw ouders, van uw broers of zussen, in uw familie, in uw eigen gezin, als ze sterven, als ze naar Huis gaan, dan mag u gevoelens hebben, dan mag u gevoelens uiten, dan mag u huilen, net zoals Maria en Martha deden. En dan lezen we in vers 21, dat Martha net had gehoord dat Jezus kwam en dan komt ze meteen naar hem toe. Dat is geweldig. Ze weet tot Wie ze zich kan wenden, ze weet wat ze aan de Heer Jezus heeft, ze weet dat de Heer Jezus naar haar luistert, ze weet dat de Heer Jezus almachtig is en dat de Heer Jezus kan helpen. En u mag ook weten, dat de Heer aan uw zijde staat en dat Hij uit elke nood kan helpen, dat Hij in elke nood kan helpen, ongeacht of Hij de omstandigheden verandert.

Ze zegt tegen de Heer Jezus: “Heer, als U hier was geweest, zou mijn broer niet gestorven zijn.” Ja, dat is zo. Als Jezus er geweest zou zijn, zou Lazarus waarschijnlijk niet gestorven zijn, want in de tegenwoordigheid van de Heer Jezus vinden we geen enkel mens die gestorven is. Zelfs aan het kruis stierf Hij vóór de twee rovers. Nee, waar de Bron van leven is, kan niemand anders sterven, dat wist Martha. Maar ze had niet goed genoeg naar de Heer Jezus geluisterd om te beseffen, dat Hij ook andere wegen heeft, zoals in dit geval, om Zichzelf te verheerlijken, om God te verheerlijken. Dan voegt ze eraan toe: “… <maar> ook nu weet ik, dat God U al wat U van God zult bidden, zal geven.” Wil ze daarmee zeggen, dat God dit niet eerder gedaan heeft, dat de Heer door een gebed had kunnen voorkomen, dat Lazarus zou sterven? Nu, de Heer had geen gebed nodig, Hij is God Zelf. Hij had dit inderdaad kunnen voorkomen als het naar Zijn plan was geweest. We vinden hier immers dat Martha een groot besef heeft van de kracht en scheppingskracht van de Heer Jezus, maar ook van het feit, dat de Vader, dat God bij Hem is en alles vervult wat Hij aan de Vader, wat Jezus aan God vraagt.

Jezus voegt er dan aan toe: “Je broer zal opstaan.” Martha antwoordt: “Ik weet dat hij zal opstaan in de opstanding op de laatste dag.” Ze heeft kennis van de opstanding, ze kent het Oude Testament, dat is iets heel waardevols. Men kan alleen maar zeggen, dat Martha in dit opzicht echt voorbeeldig is. Kent u het Woord van God ook zo goed, leest u in het Woord van God, dat u werkelijk voor uzelf persoonlijk regelmatig overdenkingen houdt en zo het Woord van God doorneemt? Maria kende de Schriften van het Oude Testament, ze wist, dat er een opstanding zou zijn en dat die aan het einde zou komen en ze wachtte erop. Maar toen zei Jezus tegen haar: “Ik ben de opstanding en het leven; wie in Mij gelooft, zal leven, ook al sterft hij.” Jezus laat haar nu zien, dat de opstanding in Hem te vinden is, dat Hij de Bron is van de opstanding, de opstanding en het leven. Maar daarmee maakt Hij duidelijk, dat opstanding pas na de dood komt. Leven, opstandingsleven, veronderstelt dood en hij wilde haar duidelijk maken, dat de dood geen enkele hindernis is voor deze Zoon van God, dat Hij het niet aan de Vader hoeft te vragen, dat Hij het niet aan God hoeft te vragen, maar dat Hij Zelf in staat is om ook Lazarus op te wekken. “En ieder die leeft en in Mij gelooft, sterft geenszins in eeuwigheid.” Ja, het is wonderbaar, dat de Heer vooruit blikt, dat er zelfs mensen zullen zijn die niet eens door de dood heen hoeven te gaan, maar die in eeuwigheid zullen leven.

Gelooft u dit? Zij zei tot Hem: “Ja, Heer, ik geloof dat U de Christus bent, de Zoon van God, die in de wereld zou komen.” Dat is een prachtige belijdenis. Opnieuw zien we, dat Martha iets over de Heer Jezus wist, wat veel anderen tot op de dag van vandaag niet begrijpen. Dat Hij de Christus is, de Messias, de Zoon van God, die aangekondigd werd, Die komen zou. Maar hier zien we, dat Martha één ding miste, en dat heb ik al eerder gezegd, namelijk luisteren naar de Heer Jezus. Er zijn veel mensen die wel enige kennis hebben uit Gods Woord, maar toch niet in staat zijn om concreet en direct naar de Heer Jezus te luisteren. Jezus wilde haar duidelijk maken, dat Hij nu gekomen was om aan Lazarus de opstanding te bewijzen. Hij is de opstanding en Hij kwam om Hem uit de dood op te wekken. Hij was niet alleen de Messias, Hij is de Zoon van God zelf, Hij is de eeuwige God, Hij is degene die als Mens de opstanding in Zichzelf bewerkt, en dat allereerst in Zichzelf. Hij stond op uit de doden, maar zij luisterde niet naar Hem, net zoals wij mensen vaak niet goed luisteren en al onze vooropgezette meningen hebben en het Woord van God ook met een vooropgezet mening lezen. Wij moeten niet wegwerpen wat wij hebben geleerd, maar wij benaderen het Woord van God vanuit onze eigen houding en luisteren helemaal niet naar de wijze waarop de Geest van God ons aanwijzingen geeft over onze concrete levenssituatie, zodat wij de Heer kunnen ervaren. En dat is nu precies wat Martha niet begreep. Ze sprak met de Heer Jezus en had toch haar eigen gesprek gevoerd. Ze ging geen dialoog aan, ze luisterde niet naar de Heer Jezus om te kunnen reageren. Ze plaatste wat Hij zei in de context van haar begrip van het Oude Testament en was niet bereid om ervan te leren.

Ontbreekt haar misschien dat, wat wij bij Maria vinden aan de voeten van de Heer Jezus? We vinden dezelfde eerste woorden van Maria terug als die van Martha: “Heer, als U hier was geweest, zou mijn broer niet gestorven zijn.” Maria zegt dit later ook, maar dan aan de voeten van de Heer Jezus. Bij Martha vinden we dat niet. Ze had nog steeds een te hoog zelfbeeld. Zij heeft zich niet werkelijk vernederd tot het stof, om het zo maar te zeggen, en is dat niet een houding die wij ook missen, die u misschien ook mist, dit besef werkelijk aan de voeten van de Heer Jezus te zijn en alleen daar te kunnen leren en steeds meer te leren. Maar we willen niets afdoen aan de enorme kennis die Martha had van het Oude Testament en die zij beter wist dan velen toen en nu.

Vervolgens zien we, dat Jezus, nadat hij tot Maria heeft gesproken, Zelf tranen laat en vervolgens overgaat tot de handeling die Hem openbaart als de Zoon van God: de opstanding. Hij zegt: “Neemt de steen weg.” En daar lezen we, dat Martha meteen tegen de Heer Jezus zegt: “Heer, Hij riekt al, want Hij is [daar] al vier dagen.” En we zien daar, dat ze niet naar de Heer Jezus luisterde. Hij wilde haar duidelijk maken, dat Hij nu gekomen was om weer tot leven te wekken. En terwijl ze de steen wegrollen, zegt ze: “het riekt,” dat slaat nergens op. Ze begreep helemaal niet, dat de Heer Jezus hem wilde opwekken. Daarom antwoordde Jezus: ““Heb Ik je niet gezegd, dat je, als je gelooft, de heerlijkheid van God zult zien?” Zo sprak hij tegen haar, maar ze luisterde niet. Het is jammer, dat we hierdoor een aantal zegeningen mislopen. Natuurlijk kan ze zien, dat Jezus Lazarus opwekt, maar ze had dat ook in geloof kunnen aannemen. En wij lopen een aantal zegeningen mis, omdat wij niet goed naar de Heer Jezus luisteren, omdat wij niet bereid zijn te leren wat Hij ons wil vertellen, hoe Hij Zijn heerlijkheid aan ons wil voorstellen. Ze ziet dat en is zeker onder de indruk, maar van Martha horen we niets meer. Wat moet het haar blij en getroost hebben, dat haar broer Lazarus nu door de Heer Jezus uit de dood was opgewekt.

En dan vinden we het een derde keer in het indrukwekkende voorval in Johannes 12. Hier gaat het over de Heer Jezus in Zijn heerlijkheid. De Heer Jezus als Degene, die op het punt stond te sterven. En opnieuw is het Maria die op een heel bijzondere manier laat zien welk inzicht zij heeft, verbonden met een liefde voor de Heer Jezus en een houding van aanbidding. Maar ook Martha komt niet tekort. Hier staat heel eenvoudig: “Ze maakten daar een maaltijd voor Hem klaar, en Martha diende.” We lezen niet meer, dat ze zich bezighield met veel dienen, met veel dingen, dat dienen centraal stond. Nee, zij diende gewoon. Ze zag de Heer, Hij had haar broer opgewekt, ze had de Heer lief, ze wist dat Hij haar liefhad en ze diende Hem. Dat is iets wat ook wij kunnen doen, en het is ook voor ons een prachtige taak: de Heer Jezus dienen in alle eenvoud, toewijding en nederigheid.

Dat kunt u ook. Net zoals Martha dat hier in huis deed, heeft Hij een aantal taken voor u, als u moeder bent, om uw kinderen op te voeden voor de Heer Jezus. Een prachtige, waardevolle taak. Als u alleen bent of ouder bent geworden, bezoek dan een zuster, bezoek jongere zusters, help hen, gezinnen met kinderen, help de zusters. Ook op dit persoonlijke vlak, in de pastorale zorg, in de herderlijke dienst van zuster tot zuster, liggen er veel waardevolle taken. Prachtige taken die u op u kunt nemen, waarbij u kunt dienen. En we zien hier ook, dat de uiterlijke dienst iets is, dat de Heer werkelijk eert en zegent. We vinden dit uitdrukkelijk benadrukt in Titus 2. Er zijn dus een aantal taken voor een zuster in het gebied waar God, waar de Heer u heeft geplaatst, waar u kunt dienen. Bekijk Martha op deze manier op een positieve manier als voorbeeld en laten we van haar leren hoe zij faalde, hoe u kunt falen, hoe ik kan falen, maar waarbij we niet dezelfde fouten willen herhalen die Martha maakte.

 

Manuel Seibel; © www.bibelpraxis.de

Geplaatst in:
© Frisse Wateren, FW